Door roerloos steen
fluit de ijzige poolwind
altijd nacht, koude –
dood.
Dwars door de stil-
gevouwen handen
van wit-groen
kastanjeblad.
Wij huiveren
en buigen naar
het licht.
Door roerloos steen
fluit de ijzige poolwind
altijd nacht, koude –
dood.
Dwars door de stil-
gevouwen handen
van wit-groen
kastanjeblad.
Wij huiveren
en buigen naar
het licht.